In 1787 bedacht Jeremy Bentham een gevangenis model genaamd het ‘Panopticon’. In het midden van de gevangenis staat een wachttoren en daarom heen alle cellen waarin de gevangen zitten. Het idee had een menslievende intentie. Iedere ruimte had een raam met daglicht waardoor gevangenen een zekere privacy konden genieten, en dit daglicht maakte ook dat het geheel transparant oogde. 

In het midden van de gevangenis dus de toren met bewakers. Het idee was dat de gevangen niet wisten of ze werden geobserveerd door de bewakers in de wachttoren, omdat ze niet door de ruiten van de wachttoren konden kijken. De filosofie was dat de gevangen zich daardoor zouden gedragen.

Paul Frissen heeft dit beeld van het Panopticum vaak gebruikt om de ontembare macht van de staat te beschrijven en de niet te onderdrukken neiging van de staat om de maatschappij en burgers te beheersen. Volgens Frissen “weet de overheid, samen met wetenschappers, professionals, politici en gezagsdragers, namelijk wat gewenst gedrag is. En daarop baseert ze allerlei systemen, met vragenlijsten, checklists, risico-inventarisaties enzovoorts, zodat ze er op tijd bij zijn om ongewenst gedrag te beteugelen. De staat stopt haar burgers zo vanaf de geboorte in een mal van hoe zij denkt dat een goede burger zich moet manifesteren”.

Frissen noemt die systemen daarom Panoptica, virtuele koepelgevangenissen. “Dit denken start binnen nagenoeg ieder domein met een schrikbeeld en dat we die situatie hier voor willen zijn”. Dus moeten zwangere vrouwen al een leefstijlcoach krijgen, zodat die vrucht in de toekomst een zo laag mogelijk risico heeft om obesitas te krijgen. En ouders met kinderen die echt veel te dik zijn, moeten uit de ouderlijke macht worden gezet.” Als je eenmaal gewend bent om door deze bril te kijken vallen de schoenen je uit van de hoeveelheid systemen waarmee de overheid de controle wil hebben en neemt over het gedrag van haar inwoners. Het oogt vriendelijk, het lijkt voort te komen uit goed intenties, maar maakt ondertussen onvrij, creëert afhankelijkheid en roeit variëteit uit.

 

De staat denkt dat zij burgers heeft, maar moet dat niet juist andersom, de burgers hebben een staat!

 

Dat beeld van het Panopticum geldt niet alleen voor de staat, maar ook voor veel organisaties. In hun ambitie om de organisatie succesvol te maken worden systemen geïmplementeerd die de bedoeling hebben om klanten tevreden(er) te maken kwaliteit te verhogen en medewerkers te motiveren, maar ondertussen het tegenovergestelde creëren.

 

Competentiemanagement heeft als goede intentie dat het medewerkers in staat stelt om zelf regie te nemen over hun kwaliteiten voor de organisatie en hun professionalisering. Uren schrijven in de thuiszorg heeft als goede bedoeling om verantwoording te kunnen afleggen over de juiste besteding van maatschappelijke geldmiddelen. “Het Nieuwe Werken” heeft tot doel om organisaties flexibeler te maken,en efficiency en werkplezier vergoten.

 

Maar wat laat de praktijk zien?

 

Competentiemanagement vergroot de starheid van organisaties en wordt een doel op zich met geen enkele meerwaarde. Uren schrijven leidt tot perversiteit van werkprocessen waar Taylor nog een puntje aan kan zuigen. Het nieuwe werken blijkt een goedkope manier te zijn om kantoren te verkleinen en medewerkers verder in de anonimiteit te dwingen met de klant als slachtoffer.

 

Een belangrijke reden waarom deze goed bedoelde initiatieven tot perverse (bi)jeffecten leiden heeft te maken met macht. Blijkbaar is het hebben van een machtspositie voor velen verleidelijk en creëert dat een houding dat de een (top) het weet en moet leiden en de ander (medewerker) het moet leren en uitvoeren.

 

Maar de kern daarbinnen is naar mijn mening hoe managers/bestuurders zich verhouden tot hun organisatie/medewerkers. Als je van mening bent dat jij de organisatie bent, en medewerkers er zijn om de organisatie te dienen, creëer je als vanzelf een panopticum, en zullen goed bedoelde initiatieven verworden tot beheersings-mechanismen. Maar wat zou er gebeuren als je daarentegen zou durven kiezen voor een volwassen rol van medewerkers?

 

Ik zou, voortbordurend op Frissen willen zeggen: De organisatie denkt dat zij medewerkers heeft, maar moet dat niet juist andersom. De medewerkers hebben een organisatie.

Dick van Ginkel

Weergaven: 365

Opmerking

Je moet lid zijn van Horizontalisering om reacties te kunnen toevoegen!

Wordt lid van Horizontalisering

© 2018   Gemaakt door Jan Dirven.   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Algemene voorwaarden