TRANSITIE EN 'DE KUNST' VAN HET VERANDEREN

Transitiewetenschapper JAN ROTMANS, hoogleraar Duurzame Systeeminnovaties en Transities aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam heeft een dringend advies: “Sluit alle wettenmakers de komende jaren op! Geef geld aan honderd mensen om met goeie ideeën te komen voor de echt grote vraagstukken van deze tijd. Geef hen ruimte, vertrouwen en tijd om te zoeken, te leren en te experimenteren en kijk vervolgens welk vergezicht dit oplevert en het beste ...

TRANSITIE EN 'DE KUNST' VAN HET VERANDEREN

door Rob Knijff

In 2004 hield Jan Rotmans het voor gezien als hoogleraar aan de Universiteit Maastricht. Hij meende dat hardnekkige maatschappelijke problemen zoals klimaatverandering, gezondheidszorg en mobiliteit te groot zijn geworden om met het oude wetenschappelijke instrumentarium te benaderen.

Conservatief en zelfgenoegzaam’ noemde Rotmans het toenmalige onderzoeksklimaat in Limburg. Op zijn beurt werd hij beticht van een ‘onstuimige natuur’.
Als directeur van het Dutch Research Institute for Transitions (DRIFT) vond Rotmans aan de Erasmus Universiteit wel de ruimte om zich op meer dynamische wijze met het fenomeen van complexe problemen bezig te houden.
Rotmans: “Ik heb altijd een fascinatie gehad voor complexe problemen en voor puzzelen. Complexe problemen zijn eigenlijk leuke fenomenen. Het leuke is dat ze zó ingewikkeld zijn, dat er eigenlijk geen kant en klare oplossingen voor bestaan. En als je geen direct beschikbare oplossing hebt, moet je gaan zoeken.”

Een speciale minister
Duidelijk is, volgens Rotmans, dat de stormachtige ontwikkeling van onze maatschappij in de afgelopen eeuw niet heeft geleid tot een duurzame samenleving. Een duurzame samenleving impliceert een zeker evenwicht tussen economische, ecologische, technologische, culturele en sociale ontwikkelingen.
Rotmans vindt dat de aanstelling van een speciale minister van Duurzaamheid in ons land daarom geen kwaad kunnen.

Wiskundige en systeemdenker Jan Rotmans mist in ons land de discussie over de vraag hoe wij met zijn allen willen dat Nederland er over vijftig jaar uitziet? In wat voor samenleving willen wij eigenlijk leven?
Rotmans: “Dat vergezicht daar is grote behoefte aan. Je moet een kompas hebben. Dat is er nu totaal niet.”

Symptomen van een niet-duurzame samenleving zijn zichtbaar in de vorm van hardnekkige complexe problemen die diep geworteld zijn in onze maatschappelijke structuren en instituties. Voorbeelden hiervan zijn: vogelpest, BSE, MKZ en blauwtong in de landbouw, fijnstof en verontreinigingen in het milieu, wachtlijsten en kostenoverschrijdingen in de zorg, het grote aantal inactieven in de samenleving.

Nieuwe vaardigheden
Voor de oplossing van zulke complexe problemen zijn systeemvernieuwingen ofwel transities nodig. Veel maatschappelijke systemen hebben in het verleden wellicht goed gewerkt, maar zijn niet meer toereikend voor de oplossing van de echt grote problemen.
Dit vraagt om een moderniseringsproces, een nieuwe sturingsvorm, gericht op fundamentele maatschappelijke veranderingen op lange termijn. Een omwenteling die nieuwe eisen stelt, maar vooral nieuwe vaardigheden vraagt van alle betrokken partijen: overheid, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties, kennisinstellingen etc.

Het begrip sturen krijgt voor al deze spelers, aldus Rotmans, een geheel nieuwe lading. Partijen zullen nieuwe rollen gaan bekleden en moeten leren op een andere manier met elkaar om te gaan. Dit betekent een verandering in structuur, cultuur en werkwijze die in het begin op veel weerstand zal stuiten en mogelijk een generatie in beslag zal nemen.

Rotmans adviseert om dit vernieuwingsproces juist niet van bovenaf te leiden, dus niet via de bestaande bestuurlijke structuren.
“Ga met een U-bocht om dat bestuur heen. Als je alleen de macht, de bestaande ordeningen uitnodigt, dan weet je dat je eigenlijk de beoogde omslag vertraagt of helemaal om zeep helpt, in plaats van versneld. De vernieuwingen moeten in gang worden gezet via de maatschappelijke lijn.”

"Zorg voor voldoende frisse lucht ..."
Rotmans: “Wij proberen nieuwe combinaties van mensen te maken, die elkaar nog niet kennen en die op een wat contraire manier tegen een vraagstuk aankijken. Begin met kleine groepen. Mensen die mede op basis van hun competenties worden geselecteerd en een gemeenschappelijke horizon hebben.”
Naast wetenschappers moet je ook boeren, burgers en buitenlui, projectontwikkelaars, aannemers erbij betrekken. Zelfs een verlichte bestuurder mag van Rotmans aanschuiven.

"Zorg voor voldoende frisse lucht door mensen van buiten. Een goede mix van stakeholders uit de samenleving met een hoog ambitieniveau. Breng die mensen bij elkaar, geef hen het vertrouwen en de ruimte om samen een zoektocht te beginnen, om te leren en te experimenteren. Laat hen laag bij de grondse experimenten opzetten om te kijken wat werkt en wat niet.

"Nou, je zult zien: dat gaat knetteren". Je krijgt mensen die het hartgrondig met elkaar oneens zullen zijn, die kwaad weglopen. Het barst bij dat soort experimenten van de emotie. Het betekent dat je je eigen pet moet durven afzetten en elkaar moet leren begrijpen. En ook elkaars taal moet leren spreken. Aan de ene kant is het groot denken, vanuit de maatschappelijke opgave, aan de andere kant is het juist klein handelen. Stap voor stap.”

Vrije hand geven
In zijn boek ‘Transitiemanagement'; sleutel voor een duurzame samenleving’, zegt Rotmans: “Ingrijpende maatschappelijke verandering betekent cultuurverandering. Dat laat zich niet gemakkelijk plannen. In een samenleving van toenemende emancipatie, sterkere identiteitsbeleving en groeiend zelfbewustzijn neemt het zelforganiserend vermogen van de samenleving toe. Een groeiende onderstroom van mensen die zien dat het anders moet en dat het anders kan. Dat is precies waar transitiemanagement gebruik van wil maken.”

Rotmans heeft uitgesproken ideeën over de rol die de overheid bij dit proces zou moeten spelen. “De overheid moet dergelijke initiatieven de vrije hand geven, ondersteunen waar nodig. Vooral geen stuurgroep instellen, want dan haal je de geestdrift eruit. Niet proberen het pad te effenen."

Het echte probleem wordt gevormd doordat de overheid aan de ene kant wel faciliteert en transitieprocessen in beweging zet, maar aan de andere kant geen afstand kan of wil doen van zijn klassieke sturingsrol.
"Dus niet weer gaan trekken en sleuren aan die transitieprocessen en daar toch weer leiding aan proberen te geven. Wij zeggen: hoe groter de afstand is die je neemt, hoe groter de kans dat het gaat lukken.”

Beleid zit echte vernieuwing vaak in de weg
“Wij moeten het idee loslaten dat de maatschappij maakbaar zou zijn. Als je kijkt naar de sturende krachten in de samenleving, dan is beleid maar een onderdeel. Je hebt daarnaast te maken met marktwerking, talloze autonome processen, verrassingen en plotselinge gebeurtenissen. Maar we doen nog steeds alsof we die samenleving vanuit het beleid kunnen sturen. Nou, dat beleid zit die echte vernieuwing vaak alleen maar in de weg.”

“Dus niet sturen vanuit de idee dat dit dé weg is of hèt vergezicht, Maar met de gedachte dat er meerdere wegen zijn en meerdere vergezichten. We gaan zoeken en leren. Dan ga je een heel ander type proces in. Na verloop van tijd vallen bepaalde experimenten af, en dus ook wegen, maar er komen nieuwe bij. Er komt een proces van variatie en selectie.
" Op energiegebied kun je experimenteren met windenergie, kernenergie, zonne-energie, waterstof, biomassa of misschien toch schoon fossiel? Niemand kan het nu zeggen. Je moet niet op één paard wedden, je gaat ze allemaal uitproberen. En na verloop van jaren blijkt vanzelf wel welke oplossing het meest duurzaam is.”

Of met een kernachtige metafoor samengevat: “Laat tijdelijk veel bloemen bloeien en selecteer daarna scherp met welke bloemen je verder gaat en met welke niet.”

Weergaven: 122

Opmerking

Je moet lid zijn van Horizontalisering om reacties te kunnen toevoegen!

Wordt lid van Horizontalisering

© 2019   Gemaakt door Jan Dirven.   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Algemene voorwaarden