Een betere spreiding van kennis, macht en inkomen wilden we vroeger. Maar Joop den Uyl is er niet meer. Volgens Zygmunt Bauman is de situatie paradoxaal: “Nooit waren we zo vrij. Nooit hebben we ons zo machteloos gevoeld.” Daar zit iets in. Nu de SP de grootste partij dreigt te worden, komt de herinnering aan Den Uyl weer boven.

Kent de PvdA nog bevlogen socialisten? Misschien dat Hans Spekman het tij wat kan keren, maar erg positief is het beeld niet, voor traditionele partijen als CDA en PvdA. De VVD en de PVV doen het nog even redelijk, op basis van de neo-liberale winderigheid, maar voor hoe lang? De neo-liberale visie is een mislukking op het economische vlak en sociaal-psychologisch gevaarlijk, dus verandering kan niet uitblijven.

Obama richtte zich in zijn State of the Union bijna exclusief tot de middenklasse in Amerika. Dat is te snappen. Door de combinatie van belastinghaat, afkeer van overheidsuitgaven, stijgende zorgkosten en crisis, komen de middengroepen in Amerika in de knel te zitten. Want zij dragen de gevolgen.

Het is een vreemd schouwspel, ook in Europa: rechts heeft ‘oplossingen’ voor de problemen, maar de gevolgen daarvan komen toch vooral bij Henk en Ingrid terecht. Bezuinigen doen we op de zorg, op de regelingen voor de zwakken en de kwetsbaren, de uitkeringen bij werkeloosheid en invaliditeit. De schulden moeten op orde, maar de beperking van de overheidsuitgaven kost banen. Ook bij ons betalen de middengroepen de prijs voor de crisis. In Engeland worden rellen, gelijkend op die in de Franse voorsteden gezien en Cameron reageert als een neo-liberaal kind van zijn tijd: streng straffen, crimineel gedrag, de zweep er over. “Racaille”zei Sarkozy al.

Enkele weken geleden zat ik bij een presentatie over de Wet Werken naar Vermogen, door een beleidsambtenaar van SZW: afspraak was dat de discussie niet politiek maar technisch zou zijn. Maar toen een opgewekte grafiek over het toenemende verdienvermogen van Wajongers werd getoond, kwam het toch: "Hoezo verdiencapaciteit? Die mensen zitten toch niet voor niks in die regeling? En als we te gemakkelijk toegang verleenden, zou het dan niet zo zijn dat toch minstens 50% een progressieve arbeidsbeperking heeft, waardoor de aangenomen bezuiniging op de Wajong geheel te niet wordt gedaan?" Tja, zei de medewerker: "dat zal in de praktijk moeten blijken". Het is ideologie, maar ook heel duidelijk: we bezuinigen geld en verzinnen er daarna een verhaal bij.

Het gaat mij niet om de politieke weerzin, die ik overigens  wel voel. Ik zoek  iets anders: de ideologische of liever intellectuele capaciteit om plannen te ontwikkelen, die echt hervormen en die niet de steun voor het beleid bij de massa der kiezers ondermijnen.  Een massale meerderheid van de SP is misschien toch ook niet zo goed voor de ontwikkeling van onze samenleving. Kan rechts en midden anders? "Wij bezuinigen slim", zei Rutte in Brussel. Als je naar de peilingen kijkt, vreet hij vooral de toch al kleine meerderheid van zijn kabinet aan, met de lopende en nog komende bezuinigingen. En hij vergroot de ongelijkheid. De kiezer is niet gek. De hoop ligt vermoedelijk bij een hernieuwd te mobiliseren midden: het CDA zet daar al op in.

Ik geef een voorbeeld. De film over het leven van Thatcher heeft tot enige polemiek geleid, misschien wel door het voortreffelijke spel van Meryl Streep. Maar deze ‘kruideniersdochter” heeft vooral de middenklasse in de kou gezet met haar beleid. In het boek “The spirit level”, why equality is better for everyone van Richard Wilkinson en Kate Picket staat een historische grafiek. Die toont aan hoezeer “de IJzeren Dame” de ongelijkheid in Engeland heeft bevorderd. Het is de vraag of zij zich volledig bewust was van de gevolgen van haar beleid. Als je Meryl Streep moet geloven heeft zij nooit haar nederige afkomst vergeten. Dat zij in termen van sociaal beleid een gesel was voor haar klasse, mag dan merkwaardig heten. Ik concludeer dat zij ideoloog was, meer dan analyticus.

In Amerika zie je in de verkiezingsstrijd een soortgelijk effect ontstaan. Obama gaat voor sociaal beleid, want daar zijn de stemmen te halen. Romney en Gingrich moeten  daardoor hakken op de inkomensoverdrachten, de gezondheidszorg en het sociaal beleid.  De Republikeinen wilden zelfs de verzekering van de gezondheidszorgkosten als ongrondwettig proberen af te schieten. Gingrich liet zich verleiden tot de aankondiging van een permanent station op de maan, aan het einde van zijn tweede periode als president. Alsof de geteisterde Amerikaanse belastingbetaler op die uitgaven zit te wachten. Maar een serieuze visie op de samenleving of het ontstaan van de crisis heeft rechts niet. Ook de Amerikaanse kiezer is niet gek.

Kortom, welke denkbeelden kunnen tot hervormingen uitgroeien? Kunnen we vermijden dat de kiezer de ene gedachtenloze regering inruilt voor een nieuwe, zonder dat er iets van betekenis verandert? Het lijkt er op dat wij in een ideologische fuik zijn gezwommen, waaruit niet valt te ontsnappen. De vraag is: "wat is nog van waarde"? Het antwoord dat de PvdA en WBS daarop geven is een stroom van woorden en papier. Zoals Judt opmerkte: ”we hebben een discursief probleem”.  

Laten we ergens beginnen met de vraag wat nog van waarde is: Den Uyl’s ” spreiding van kennis, macht en inkomen” dan maar? Ik wil een poging doen een thematische reeks te maken.

 

Om te beginnen een paar simpele werkhypothesen over de ontwikkeling:

-     spreiding van kennis. Sinds Den Uyl heeft internet voor een mooie spreiding van informatie gezorgd. Ook verbeterde druk-  en reproductietechnieken hebben daar aan bijgedragen. Maar zonder problemen is de gratis en onbelemmerde toegang tot informatie allerminst. De strijd rond belangen en auteursrecht woedt. En informatie is nog geen kennis. Want die informatie verwerken tot bruikbare kennis veronderstelt een getraind verstand en goed onderwijs; of dat beter loopt dan vroeger is nog maar de vraag; is de kwaliteit van het onderwijs verbeterd?                

Bovendien lijkt de confrontatie met kennis, die strijdig is met je voorkeur door Google te worden beperkt. De selectietechniek van Google is immers gebaseerd op eenvoudige denkbeelden over jouw aandacht, die voor adverteerders en commerciële doeleinden moet worden getrokken.

Kortom: de situatie rond de spreiding van kennis is ernstig, maar niet hopeloos.

-     spreiding van macht. Op mondiaal niveau is er veel aan het veranderen. In de tijd van Den Uyl leek vooral de OPEC de uitdaging, maar inmiddels ontwikkelen China, India en Brazilië zich tot economische grootmachten van niveau. De Pax Americana blijkt te kostbaar. Het voedselprobleem is wat afgenomen. Dat is positief. Veel zorgelijker is het gesteld in de verhouding tussen politiek en markten: door de ICT revolutie en de snelheid van handelen, lijkt het financieel-economisch beleid van regeringen per definitie te traag; de problemen rond de euro zijn er een illustratie van.

Binnen landen is het beeld diffuus: de politieke macht concentreert zich niet meer zo sterk bij nationale regeringen, maar meer bij bureaucratische samenwerkingsverbanden en grote internationale instituties: bij ons de discussie over Brussel en de ECB. Ook op kleinere schaal versmelten politiek en bestuur en wordt de democratische macht een marginale farce.

Kortom: de situatie rond de spreiding van macht is ernstig, maar niet hopeloos.

-     spreiding van inkomen.

De gegevens die hierover zijn te vinden passen bij de verwachting, maar zijn daarom niet minder opmerkelijk. De rechtse presidenten in Amerika hebben een anti-egalitair effect op de gelijkheid, de nivellerende effecten van de periode Clinton zijn beperkt en tijdelijk. Krugman heeft daarvan scherpe analyses gemaakt, zowel over inkomen als over bezittingen en de ongelijke verdelingen daarvan.

 En hoe zit de ontwikkeling van de ongelijkheid in Nederland?

Daarvoor zoeken we bij de OECD. In een rapport over ongelijkheid en economische groei , dat dit jaar zal verschijnen, vindt de belangstellende lezer dat de meeste landen op zijn minst toenemende inkomensongelijkheid kent. Nederland komt daar niet slecht uit, maar dat heeft misschien toch meer te maken met de geschiedenis van de sociaal-democratie in ons land, dan wij graag erkennen.

Kortom: de situatie rond inkomensverdeling is ernstig, maar niet hopeloos.

 

De trits “kennis, macht en inkomen” lijkt belegen maar is nog boeiend genoeg.

 En die inkomensongelijkheid is slecht: we doen het beter als we gelijker zijn. Het boek van Wilkinson en Picket dat ik eerder noemde, geeft daarvoor verbluffend sterke aanwijzingen. Gezondheid, criminaliteit, overgewicht, veel problemen zijn minder in landen met een grotere gelijkheid.

Het neo-liberale vertoog hoeft door Sargasso niet ten grave te worden gedragen. Maar in tijden waarin wij ons minder vrij voelen dan ooit, terwijl we meer middelen hebben dan ooit om ons lot te verbeteren, mogen wij ons ideologisch “vals bewustzijn” wel eens testen.

Het lijkt er op dat onze ideologische reflexen, meer problemen veroorzaken dan oplossen. Vanuit die gedachte proberen wij dit thema verder vorm te geven. Wie wil, denkt mee.

Weergaven: 205

Opmerking

Je moet lid zijn van Horizontalisering om reacties te kunnen toevoegen!

Wordt lid van Horizontalisering

© 2018   Gemaakt door Jan Dirven.   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Algemene voorwaarden