Een fundamentele omschakeling

- Een energietransitie is een structurele verandering naar een duurzame energiehuishouding. Duurzaam betekent in dit geval: schoon, voor iedereen betaalbaar en beschikbaar waar en wanneer nodig.

Een energietransitie is een ingrijpend proces waarbij we op een wezenlijk andere wijze energie gaan produceren en consumeren. Dit vergt een fundamentele omschakeling bij bedrijven, consumenten en overheid en kost decennia. Een nieuwe energie infrastructuur moet worden opgebouwd en de bestaande infrastructuur ontmanteld. Ook de cultuur moet daartoe veranderen: iedereen moet doordrongen zijn van het feit dat we duurzame energie moeten gaan benutten. De bestaande cultuur en structuur wordt echter verdedigd door de dominante energiepartijen, die veel hebben geïnvesteerd in de bestaande energie-infrastructuur en hieruit een zo hoog mogelijk rendement willen halen.

De energietransitie kan niet worden afgedwongen of op klassieke wijze worden aangestuurd. Wat wel kan is energie steken in zogenaamde koplopers, vooruitstrevende vernieuwers met innovatieve ideeën over de toekomstige energiehuishouding. Meestal zijn dit kleine bedrijven of instellingen die risicovolle projecten uitvoeren. Zij kunnen de weg bereiden voor een duurzame energiehuishouding. Zij kunnen echter de weg naar de markt moeilijk vinden, die wordt gedomineerd door grote energiebedrijven. De machtige energie- en oliebedrijven zijn goed georganiseerd en maken het de markt van nieuwe, duurzame energieën vrijwel onmogelijk om door te breken. Die duurzame energiemarkt heeft veel minder invloed en is veel slechter georganiseerd.

Koplopers met elkaar in contact brengen
In 2001 is daarom een start gemaakt met de zogenaamde energietransitie aanpak. Geleid door het ministerie van Economische Zaken is een proces gestart waarbij wordt geprobeerd de overgang naar duurzame energie te bevorderen en te versnellen. Uitgangspunt is om koplopers met elkaar in contact te brengen in zogenaamde platforms, beschermde en veilige omgevingen, waarin men van elkaar kon leren zonder al te veel belemmeringen.

Op basis van een ontwikkelde visie op een duurzame energiehuishouding zijn zeven thema’s gekozen: duurzame mobiliteit, groene grondstoffen, ketenefficiency, nieuw gas, duurzame elektriciteitsvoorziening, gebouwde omgeving en kas als energiebron. Rondom deze thema’s zijn platforms opgericht, transitiepaden opgesteld en vele tientallen experimenten opgestart. Deze transitie aanpak heeft geresulteerd in een brede energiebeweging waarbij naar schatting meer dan 1000 mensen zijn betrokken, zowel vanuit overheden, marktpartijen, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen.

Het onlangs opgerichte Energie Regieorgaan (als opvolger van de Taskforce) kan belemmerend werken voor het energietransitieproces en beperkt vooral de innovatieruimte voor koplopers. Ook de roep om meer geld (oplopend tot honderden miljoenen euro’s per jaar) dient te worden gerelativeerd. De grote partijen gaan dit geld verdelen, maar het grootste deel zal gaan naar conventionele energieprojecten en zal niet tot doorbraken leiden. De echte koplopers staan hierbij dan buitenspel.

Opties openhouden en niet te vroeg kiezen
Dwingend sturen op resultaten van de energietransitie werkt averechts. Zoveel mogelijk opties openhouden is het devies en niet te vroeg kiezen. Bij dit proces moeten niet alleen de grote energiebedrijven de toekomstige energieagenda bepalen, maar vooral ook de kleine partijen. Grote energiebedrijven als Shell, Nuon, Essent e.d. hebben teveel bestaande olie en energiebelangen te verdedigen waardoor ze het hervormingsproces kunnen vertragen. Actieve betrokkenheid van koplopers uit kleine bedrijven met steun van grote energiebedrijven is essentieel voor het realiseren van een energietransitie.

Het zou doodzonde zijn als de tot dusver zo succesvolle transitie aanpak zou ontaarden in een strijd over geld en macht. Het is veel effectiever op voortvarende wijze de in 2001 ingezette transitie aanpak uit te bouwen. Dit vraagt visie en moed, maar vooral ook tijd en geduld. Dit betekent ook dat de burgers er meer bij betrokken moeten worden. De echte strijd moet door de burgers worden gevoerd.

Jan Rotmans, hoogleraar Duurzame Systeeminnovaties en Transities, Erasmus Universiteit Rotterdam en directeur van Dutch Research Institute for Transitions (DRIFT)

Weergaven: 69

Opmerking

Je moet lid zijn van Horizontalisering.nl om reacties te kunnen toevoegen!

Wordt lid van Horizontalisering.nl

© 2019   Gemaakt door Jan Dirven.   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Algemene voorwaarden