NIEUWE WERKPROCESSEN IN HORIZONTALE VERHOUDINGEN

VAN DENKEN NAAR DOEN!

-door Jan Dirven-

Verschillende overheden hebben in de loop der jaren de nodige pogingen ondernomen om steeds beter met maatschappelijke veranderingen om te gaan. Zij hebben ervaren dat dit leerproces vaak lang niet eenvoudig is.
Eén van de redenen hiervan is dat ordeningsmechanismen in de samenleving steeds meer horizontaliseren, dat wil zeggen zich ontwikkelen als gevolg van toenemende pluriformiteit en autonome dynamiek in de samenleving.

Hiërarchische organisaties – en dat zijn overheden bij uitstek vanwege de staatsrechtelijk vereiste ministeriële verantwoordelijkheid - zijn evenwel verticale mechanismen die op een andere wijze functioneren, die juist doelen willen stellen en realiseren, de dingen regelen en controleren. Het interessante is dat beide mechanismen en ook combinaties daarvan nodig zijn, afhankelijk van het type vraagstuk.

Dijkdoorbraak? Technisch leerproces!
Als er grote overeenstemming is over problemen en doelen, zoals bijvoorbeeld bij een dijkdoorbraak, is sprake van een technisch leerproces: niet mensen, maar het dijklichaam moet veranderen. Omdat duidelijk is wat er aan de hand is en welke middelen ingezet moeten worden, kan vrijwel direct worden begonnen met de uitvoering, met organiseren en regelen. Zonodig volgens vooraf vastgestelde procedures en plannen.
Verticale organisaties kunnen dat perfect, want dat is hun werkwijze en cultuur. En voor de vele technische vraagstukken en problemen in de samenleving moet dat ook zo blijven.

Bestuurlijke modernisering? Sociaal leerproces!
Maar als sprake is van grote pluriformiteit in waarden, belangen en visies - denk hierbij aan ethische kwesties, duurzame ontwikkeling, flexibilisering van de arbeid, integratie, energietransitie, of bestuurlijke modernisering - dan is een agenderingsproces van het vraagstuk van soms vele jaren nodig voor debat en meningsvorming. Immers waardenoriëntaties moeten verschuiven om tot een zeker draagvlak voor beleidsontwikkeling te kunnen komen, waaraan burgers zich redelijkerwijs willen houden.

Een overheid die in zulke gevallen snel dingen wil regelen en uitvoeren loopt al gauw vast. Wel kan zij dit sociale leerproces versterken en versnellen door de communicatie over zo’n vraagstuk te helpen verbreden en verdiepen. En vooral ook door ruimte te creëren voor nieuwe experimenten en innovatienetwerken van koplopers.
Kortom de verticale overheid en politiek moeten óók leren omgaan met horizontale mechanismen, leren kantelen en tussen de verschillende mechanismen leren schakelen.

Experimenten met horizontale mechanismen

Wanneer we dit als de kern zien van bestuurlijke vernieuwing en innovatie, kunnen we discussies over bezuinigingen op en wijzigingen van de huidige bestuurlijke structuur, wellicht even met rust laten. Dan is de tijd rijp nadrukkelijker ruimte te leren creëren voor experimenten met horizontale mechanismen.

De vraag is hoe dit leerproces te versterken, te versnellen en operationeel te maken en welke pilots en experimenten hiervoor in aanmerking komen. Niet vrijblijvend, maar zodanig dat ze meer structureel onderdeel gaan worden van politiek en beleid. Van beleid dat procesmatig beter wil aansluiten op de snel toenemende horizontale mechanismen in de samenleving, dat beter wil aansluiten en op wat bij burgers en hun organisaties leeft in het streven naar een samenleving en leefomgeving die veiliger, socialer en duurzamer is.

Het antwoord op deze vraag is niet makkelijk te formuleren. Politiek en beleid lopen hierbij namelijk tegen een aantal belangrijke dilemma’s. Het betreft dilemma's die een paradigmatische beleidsverandering oftewel een bestuurlijke transitie betekenen. Immers, uit literatuur en praktijkervaringen kunnen we opmaken dat horizontale en verticale beleidsprocessen sterk van elkaar verschillen en elk hun eigen kenmerken hebben.

In een schema onderaan deze tekst worden de voornaamste kenmerken en verschillen van beide sturingsmechanismen nog eens aangegeven.

Een aantal dilemma's

Wanneer de overheid bij geëigende vraagstukken nu kiest voor een horizontale aanpak, dan dienen zich al snel een aantal dilemma’s aan: een blik op onderstaand schema roept drie indringende vragen op die om een antwoord vragen:

1. Hoe om te gaan met een innovatieve werkwijze gebaseerd op vertrouwen en respect in een omgeving en cultuur die gebaseerd is op efficiency en controle?

2. Hoe om te gaan met waardenrationaliteit en waardecreatie, met name het stimuleren van (systeem)-innovaties gericht op het op langere termijn realiseren van duurzame ketens, systemen of sectoren, in een omgeving en cultuur die procedureel op de korte termijn en op machtsuitoefening is gericht?

3. Hoe het lerend vermogen te versterken en versnellen van een overheid die zelf wil veranderen en sociaal leren, in een omgeving en cultuur die vooral gericht is op technisch leren, op zelf beslissen en anderen veranderen?

Problematiseren dilemma’s
Op zoek naar het begin van een antwoord op deze vragen laten we verschillende mensen aan het woord. Deskundigen als Jan Rotmans, Pauline Meurs en Trond Selnes, die de in deze vragen vervatte dilemma’s verder problematiseren.
Casushouders als Rinus van de Waart, Ina Horlings en Froukje Idema, die deze dilemma’s in de praktijk hebben ervaren en er mee hebben leren worstelen.
Gerard Endenburg en Ger Vos, die hun procestheorie concreet in praktijk brengen door al doende te leren en al lerende te doen.
Davied van Berlo en Rob Oele, die laten zien dat horizontalisering in de digitale samenleving al in een tweede transitieproces is beland en veel verder is voortgeschreden dan tot voor kort voor mogelijk werd gehouden.
André van der Zande en Chris Kalden als overheidsbestuurders en Cees Veerman als politiek bestuurder, die inzien dat het willen veranderen van de samenleving in toenemende mate van politiek en overheid vraagt om eerst en vooral ook zélf te veranderen.

Wellicht vormen al deze ervaringen en inzichten een stimulans voor politici, bestuurders, ambtenaren en betrokkenen in de samenleving. Een stimulans om verder te gaan met het zoeken naar antwoorden op en oplossingen voor de dilemma´s die zich aandienen in een steeds verder horizontaliserende wereld.

Door meer ruimte te creëren voor horizontale werkprocessen, kan het vermogen van politiek, overheid en samenleving om gezamenlijk te leren, te innoveren en vertrouwen op te bouwen, met vallen en opstaan enkele stappen verder worden gebracht. Dus: van Denken naar Doen!

Kenmerk----------------------------- Verticaal------------------------------- Horizontaal
Organisatie-------------------------- hiërarchie (eigen agenda)------------ netwerk (gezamenlijke agenda)
Werkwijze--------------------------- efficiency o.b.v. controle------------- innovatief: vertrouwen + respect
Rationaliteit------------------------- procedurele----------------------------- waarden (people, planet, profit, politics)
Oriëntatie----------------------------invloed/macht uitoefenen------------- betekenis/toegevoegde waarde creëren
Competenties----------------------- technisch leren-------------------------- sociaal leren
Subject------------------------------ zelf beslissen---------------------------- zelf en van anderen leren
Object------------------------------- anderen veranderen---------------------zelf meeveranderen

Weergaven: 166

Opmerking

Je moet lid zijn van Horizontalisering om reacties te kunnen toevoegen!

Wordt lid van Horizontalisering

Reactie van Mechel Ensing-Wijn op 19 Februari 2009 op 13.30
Graag wil ik een element toevoegen aan deze discussie over horizontalisering en wel de competentie van de mensen die horizontaal denken en doen.
Ik gebruik de termen beelddenken en begripsdenken voor deze vaardigheden.
Beelddenken is holistisch, ervaringsgericht.
Begripsdenken is sequentieel en feitelijk gericht.
Beiden zijn vaardigheden die je nodig hebt om informatie te verwerken,ontvangen en teruggeven.
Iedereen jkan beide , maar zoals zo vaak is de ene mens beter in het ene dan het andere.
Zelf gaat het beelddenken mij gemakkelijker af dan het begripsdenken. Na 20 jaar LNV brak dit mij op.
Ik ben meer gaan uitzoeken/leren over beelddenken en begripsdenken. www.beelddenkwerk.nl
Nu kwam ik gisteren in gesprek met Jan Dirven en zie dat hij , op een ander abstractieniveau, met eenzelfde soort discussie bezig is.
Daarom nu enkele aanvullingen aan zijn staatje vanuit mijn deskundigheid:
Verticaal
1 begripsdenken
2 reproduceerbaar
3 centripetaal
4 doelgericht
5 gericht op begrippen en feiten
6 rechtlijnig
Horizontaal
1 beelddenken
2 altijd nieuw,oorspronkelijk
3 Centrifugaal
4 oplossingsgericht
5 gericht op totale ervaringen ( incl. emoties)
6 associatief

Belangrijk element is verder dat bij horizontaal werken een groot beroep gedaan wordt op de autenticiteit van de mensen.
Ik heb (als beelddenker) moeite om het kenmerk in te vullen. Dit is typisch een voorbeeld van een begrip.
Mijn stelling is dat het belangrijk is om deze discussie het menselijk vermogen om horizontaal of verticaal mee te nemen. Het zijn alleen de erg intelligente mensen die alles kunnen.

© 2019   Gemaakt door Jan Dirven.   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Algemene voorwaarden